Deze blog vraagt iets meer leestijd dan ik oorspronkelijk had voorzien. Toch deel ik hem graag, omdat het onderwerp vrijwel iedere ondernemer en leider raakt. Ik begin met een vraag:

Wat hebben Eric Schmidt, Steve Jobs, Bill Gates, Satya Nadella, Oprah Winfrey, André Agassi en Michael Phelps met elkaar gemeen?

Het voor de hand liggende antwoord is succes. Ze bereikten de absolute top in hun vakgebied en hadden een enorme invloed op de wereld om hen heen. Maar er is nog iets wat hen verbindt. Ze begrepen dat succes niet betekent dat je uitontwikkeld bent. Ze zochten begeleiding, feedback of mensen om zich heen die hen hielpen anders naar zichzelf, hun gedrag en hun prestaties te kijken. Niet pas toen alles misging. Ook niet omdat ze onvoldoende kwaliteiten hadden. Maar juist omdat ze beseften dat talent, ervaring en succes je niet beschermen tegen blinde vlekken.

Dat is ook hoe ik naar coaching kijk. Coaching is voor mij niet alleen bedoeld voor iemand die vastloopt. Het is juist waardevol voor ondernemers en leiders die zichzelf serieus nemen en zich verder willen ontwikkelen. Daarbij is het belangrijk om te beseffen dat ‘coach’ in Nederland geen beschermd beroep is. Iedereen mag zichzelf zo noemen, ook zonder gerichte opleiding, praktijkervaring of certificering. Ik vind dat een lastig en soms zelfs risicovol gegeven. Het maakt het voor ondernemers moeilijk om kwaliteit te herkennen en kan er tegelijkertijd voor zorgen dat zij huiverig worden om überhaupt met een coach in zee te gaan. Een professionele opleiding of certificering biedt daarom een belangrijke basis. Als professioneel opgeleide ondernemerscoach combineer ik bewezen methodieken en coachvaardigheden met mijn jarenlange ervaring als ondernemer, financieel strateeg en adviseur van leiders en organisaties. Die combinatie helpt mij niet alleen te horen wat iemand zegt, maar ook te herkennen wat er achter een strategisch, financieel, organisatorisch of persoonlijk vraagstuk kan spelen. Een opleiding leert je hoe je kunt coachen. Ervaring helpt je herkennen wat er achter de woorden, het gedrag en het zakelijke vraagstuk werkelijk speelt. Een goede coach hoeft niet alle antwoorden te hebben. Hij moet wel dichtbij mogen komen en de vragen durven te stellen die anderen niet stellen. Daarmee komen we bij misschien wel de belangrijkste vraag voor iedere ondernemer: Wie vertelt jou nog de waarheid?

‘Waarom zou ik een coach nodig hebben?’ Dat was de eerste gedachte van Eric Schmidt toen investeerder John Doerr hem adviseerde om met Bill Campbell te gaan werken. Schmidt was geen beginnende manager die nog moest ontdekken hoe een organisatie functioneert. Hij was een ervaren bestuurder en werd CEO van Google. Hij werkte met enkele van de slimste mensen ter wereld en stond aan het roer van een onderneming die razendsnel groeide. Hij had kennis, ervaring, gezag en een indrukwekkend trackrecord. Wat zou een coach hem nog kunnen leren?

Misschien herken je die gedachte. ‘Mijn bedrijf loopt toch goed?’ ‘Ik heb dit zelf opgebouwd.’ ‘Ik weet waar mijn sterke en zwakke kanten liggen.’ ‘Als er een probleem is, los ik het zelf op.’ Dat klinkt krachtig en zelfstandig. Maar misschien is de overtuiging dat je niemand nodig hebt niet alleen een kracht. Misschien is het ook een patroon. Schmidt besloot uiteindelijk toch met Bill Campbell te werken. Campbell begeleidde niet alleen hem, maar ook andere invloedrijke leiders binnen Google en Silicon Valley. Hij hielp hen beter leidinggeven, onderling vertrouwen opbouwen en als team functioneren. Schmidt noemde het advies om een coach te nemen later een van de beste adviezen die hij had gekregen. Dat roept een ongemakkelijke vraag op: Als de leiders van Google iemand nodig hadden die hen spiegelde, wat maakt jou dan de uitzondering?

Succes heeft een keerzijde waar maar weinig ondernemers openlijk over praten. Hoe succesvoller je wordt, hoe kleiner vaak de groep mensen wordt die je werkelijk durft tegen te spreken. Medewerkers zijn afhankelijk van je. Managers willen hun positie niet beschadigen. Adviseurs willen hun opdracht behouden. Familieleden willen conflicten vermijden en zakelijke partners hebben hun eigen belangen. Veel mensen zullen zeggen dat ze eerlijk tegen je zijn. Maar hoeveel mensen durven werkelijk te zeggen: ‘Je luistert niet.’ ‘Je zegt dat je wilt delegeren, maar je grijpt steeds opnieuw in.’ ‘Je vraagt om initiatief, maar je keurt bijna ieder afwijkend voorstel af.’ ‘Je noemt het betrokkenheid, maar eigenlijk is het controle.’ Of nog meer confronterend: ‘Je zegt dat het bedrijf niet zonder jou kan, maar misschien heb jij het zo ingericht dat het niet zonder jou mág kunnen.’ Dat zijn geen prettige boodschappen. Toch zijn het vaak de boodschappen die je nodig hebt.

Een goede coach is geen betaalde bewonderaar die voortdurend bevestigt hoe goed je bezig bent. Een coach helpt je onderzoeken wat jij zelf niet meer ziet, of misschien liever niet wilt zien. Neem nou Steve Jobs, de medeoprichter van Apple en een van de invloedrijkste ondernemers van zijn generatie. Hij stond bekend om zijn visie, overtuigingskracht, perfectionisme en bijna obsessieve streven naar kwaliteit. Ook Jobs had Bill Campbell in zijn omgeving. Campbell was bestuurder bij Apple geweest en groeide uit tot een vertrouwde gesprekspartner van Jobs. Hun gesprekken gingen niet alleen over producten en strategie, maar ook over leiderschap, mensen, samenwerking en moeilijke beslissingen. Dat is veelzeggend. Een van de grootste visionairs van onze tijd had iemand nodig die hem hielp kijken naar de mens achter de visie. Jobs hoefde zijn ambitie niet kwijt te raken en hij hoefde geen minder uitgesproken leider te worden. Hij had wel iemand nodig die hem hielp onderzoeken hoe hij zijn kracht gebruikte en wat zijn gedrag bij anderen opriep. Dat is een belangrijk uitgangspunt binnen coaching. Het doel is niet om sterke mensen minder sterk te maken. Het gaat erom dat iemand zijn kracht bewuster leert inzetten. Want visie zonder verbinding kan mensen verliezen. Daadkracht zonder luisteren kan weerstand veroorzaken. Hoge kwaliteitseisen zonder vertrouwen kunnen initiatief en eigenaarschap verstikken.

En wat te denken van Bill Gates. Hij richtte samen met Paul Allen Microsoft op en groeide uit tot een van de bekendste ondernemers ter wereld. Tijdens een korte pitch over het belang van feedback stelde Gates dat iedereen coaching en feedback nodig heeft. Zijn boodschap was eenvoudig: zonder gerichte observatie, reflectie en feedback is het moeilijk om jezelf werkelijk te blijven verbeteren. Immers, ook mensen die al goed functioneren kunnen zich verder ontwikkelen. Dat vinden we heel normaal wanneer we naar topsport kijken. Niemand vindt het vreemd dat een wereldkampioen een coach heeft. Geen topsporter zegt na het behalen van de eerste plaats: ‘Nu ben ik de beste, dus vanaf vandaag heb ik niemand meer nodig.’ Juist aan de top neemt de intensiteit van coaching vaak toe. Wedstrijden worden teruggekeken, patronen worden geanalyseerd en de kleinste details worden besproken. Maar zodra het over ondernemers en leiders gaat, wordt begeleiding soms uitgelegd als onzekerheid of zwakte. Hoe komt dat toch?

Ik heb hier lang over nagedacht en heb een conclusie getrokken. Ik ben van mening dat ondernemers gewend zijn dat anderen naar hen kijken om altijd maar antwoorden te krijgen. Het is daarom juist zo moeilijk voor hen om toe te geven dat zij zelf ook vragen hebben. Toen Satya Nadella in 2014 CEO van Microsoft werd, stond het bedrijf bekend om sterke interne competitie en een cultuur waarin afdelingen elkaar regelmatig bestreden. Nadella koos bewust voor een andere vorm van leiderschap. Hij maakte empathie, nieuwsgierigheid en een groeimindset belangrijk. Binnen Microsoft werd het verschil benadrukt tussen een ‘know-it-all’ en een ‘learn-it-all’: m.a.w. niet degene die alles denkt te weten ontwikkelt zich het snelst, maar degene die bereid blijft te leren. Microsoft koppelt de cultuurverandering onder Nadella nadrukkelijk aan meer samenwerking, bescheidenheid en empathie. Zijn ontwikkeling wordt niet publiekelijk aan één specifieke coach toegeschreven. Toch hoort hij in dit verhaal thuis, omdat hij laat zien wat coachbaarheid betekent.

Coachbaarheid begint niet bij het inhuren van een coach. Het begint bij de bereidheid om je eigen overtuigingen, gedrag en vanzelfsprekendheden ter discussie te stellen. Nadella veranderde niet alleen de strategie van Microsoft. Hij veranderde ook de manier waarop binnen het bedrijf naar leiderschap, leren en samenwerken werd gekeken. En toen de leider anders ging kijken, veranderde de organisatie mee.

Wie ik ook een sprekend voorbeeld vind is Oprah Winfrey. Zij groeide van televisiepresentatrice uit tot mediaondernemer, producent en een van de invloedrijkste vrouwen ter wereld. Gedurende haar loopbaan gaf zij persoonlijke ontwikkeling, zingeving, gedrag en zelfonderzoek een prominente plaats. Via haar platform werkte zij onder anderen met life-coach en auteur Martha Beck. Daarbij ging het over onderwerpen als leven vanuit je eigen waarden, innerlijke rust, zelfkritiek en overtuigingen die mensen bij zichzelf vandaan houden. Haar voorbeeld laat zien dat succes en zelfonderzoek geen tegenstellingen zijn. Juist wanneer je invloed, verantwoordelijkheid en vermogen groeien, wordt het belangrijker om te begrijpen vanuit welke overtuigingen je handelt. Waar komt je ambitie vandaan? Wat probeer je nog steeds te bewijzen? Van wie zoek je erkenning? Welke verwachtingen draag je mee die misschien niet eens van jou zijn?

Aan de buitenkant kan iemand alles hebben bereikt, terwijl hij vanbinnen nog steeds wordt aangestuurd door angst, bewijsdrang of de behoefte om gezien te worden. Coaching gaat daarom niet alleen over effectiever functioneren. Het gaat ook over de vraag of het leven en het succes dat je hebt opgebouwd werkelijk bij je passen.

Nog zo’n mooi voorbeeld omdat het zo sprekend is: André Agassi was een van de beste tennissers ter wereld. Hij won alle vier de grandslamtoernooien, olympisch goud en bereikte de eerste plaats op de wereldranglijst. In 1994 ging hij samenwerken met Brad Gilbert. Gilbert was zelf een succesvolle tennisser geweest, maar stond vooral bekend om zijn vermogen om wedstrijden te analyseren en tactisch te denken. Onder zijn begeleiding ging Agassi anders naar zijn spel kijken. Niet iedere bal hoefde spectaculair te zijn en niet ieder punt hoefde onmiddellijk te worden gewonnen. Hij leerde slimmer gebruik te maken van zijn kwaliteiten en scherper te kijken naar de patronen en zwakke plekken van zijn tegenstander. Gilbert coachte Agassi van 1994 tot 2002. In die periode won Agassi zes van zijn acht grandslamtitels. En laten we helder zijn: Agassi kon al tennissen. Hij hoefde niet opnieuw te leren hoe hij een racket moest vasthouden. Hij moest anders leren kijken naar wat hij al kon.

Dat geldt ook voor veel ondernemers. Zij hoeven niet opnieuw te leren ondernemen. Ze mogen soms ontdekken dat de manier waarop zij hun bedrijf hebben opgebouwd niet automatisch de manier is waarop zij het naar de volgende fase kunnen brengen. De daadkracht waarmee je begon kan later ongeduld worden. Je verantwoordelijkheidsgevoel kan over-verantwoordelijkheid worden. Je betrokkenheid kan veranderen in controle. Je hoge kwaliteitsnorm kan perfectionisme worden. Je snelheid van beslissen kan ervoor zorgen dat anderen stoppen met nadenken. Je grootste kwaliteit kan zo ook je belangrijkste beperking worden. Iedere kracht kan doorslaan wanneer je haar niet bewust blijft onderzoeken.

Mijn laatste voorbeeld: Michael Phelps won tijdens zijn zwemcarrière 28 olympische medailles en geldt daarmee als de succesvolste olympische sporter uit de geschiedenis. Zijn coach Bob Bowman werkte niet alleen met hem aan techniek, conditie en snelheid. Hij besteedde ook veel aandacht aan routines, mentale voorbereiding en het omgaan met onverwachte situaties. Tijdens de Olympische Spelen van 2008 liep de zwembril van Phelps gedurende de 200 meter vlinderslag vol water. Hij kon een groot deel van de race nauwelijks zien. Toch bleef hij zijn slagen tellen, won hij goud en vestigde hij een wereldrecord. De mentale en praktische voorbereiding hielp hem omgaan met iets wat tijdens de wedstrijd volledig misging. Phelps werd niet alleen begeleid wanneer hij verloor. Hij werd preventief voorbereid op mogelijke tegenslagen. Dat is een belangrijk verschil. Je wacht ook niet met financieel management totdat het geld op is. Je wacht niet met onderhoud totdat een machine volledig stilstaat. Je wacht niet met strategie totdat de markt je heeft ingehaald. Waarom zou je dan wel wachten met persoonlijke ontwikkeling totdat je vastloopt?

Coaching is geen ambulance die alleen verschijnt wanneer iemand op de grond ligt. Het kan preventief onderhoud zijn voor de persoon op wie een hele onderneming leunt. Ik coach al jarenlang ondernemers. Daarbij ga ik er niet van uit dat zij iets verkeerd doen of ‘gerepareerd’ moeten worden. Ik geloof ook niet dat ík beter weet hoe iemand zijn bedrijf moet leiden. Ik coach ondernemers omdat ik uit ervaring weet hoeveel invloed de ondernemer zelf heeft. Op de strategie en de cijfers. Op de cultuur en de onderlinge samenwerking. Op het tempo waarin besluiten worden genomen. Op de ruimte die medewerkers ervaren. Op de vraag of mensen verantwoordelijkheid nemen of blijven wachten op toestemming. De ondernemer is vaak de grootste kracht van de onderneming. Maar ongemerkt kan diezelfde ondernemer ook het grootste risico worden.

De doorgroei van een organisatie gaat gepaard met de ruimte die de leider haar geeft. Wanneer iedere belangrijke beslissing langs de eigenaar moet, blijft de organisatie afhankelijk. Wanneer fouten zwaar worden afgestraft, verdwijnt het initiatief. Wanneer de ondernemer zegt te willen loslaten maar zich overal mee blijft bemoeien, leert de organisatie dat loslaten blijkbaar niet werkelijk de bedoeling is. Wanneer de leider conflicten vermijdt, blijven problemen onder de oppervlakte bestaan. En wanneer de ondernemer zichzelf buiten iedere analyse houdt, wordt bij tegenslag vooral gekeken naar medewerkers, de markt, klanten of omstandigheden behalve naar de enige constante factor die in bijna iedere situatie aanwezig is: de ondernemer zelf.

Ondernemers komen zelden bij mij binnen met de mededeling: ‘Ik wil graag mijn diepere patronen onderzoeken.’ Ze komen met een zakelijk vraagstuk. Het managementteam functioneert onvoldoende. Medewerkers nemen te weinig verantwoordelijkheid. De groei stagneert. De opvolging binnen het familiebedrijf loopt vast. De ondernemer ervaart geen rust meer. De resultaten vallen tegen of er moeten belangrijke strategische keuzes worden gemaakt. Dat zijn reële zakelijke vraagstukken. Ze vragen soms om strategische, financiële of organisatorische oplossingen. Maar onder het zichtbare probleem kan een tweede laag liggen. Waarom blijft de ondernemer zelf bijna alle beslissingen nemen? Waarom durft hij iemand niet volledig te vertrouwen? Waarom vraagt hij om initiatief, terwijl hij afwijkende ideeën snel afwijst? Waarom heeft hij moeite met een opvolger die het anders wil doen? Waarom draagt hij verantwoordelijkheden die allang bij iemand anders horen? Waarom zegt hij meer vrijheid te willen, terwijl hij iedere mogelijkheid tot vrijheid zelf weer dicht organiseert? Het gesprek gaat dan niet langer alleen over de onderneming. Dan gaat het over de ondernemer in relatie tot zijn onderneming. En daar begint voor mij coaching.

Mijn visie op coaching komt dus niet alleen uit opleidingen, methodieken of boeken. Ze komt ook uit mijn ervaring als ondernemer, financieel strateeg, adviseur en begeleider van leiders en organisaties. Mijn visie komt bovendien voort uit mijn eigen ontwikkeling. Ook ik heb moeten leren kijken naar mijn overtuigingen, mijn verantwoordelijkheidsgevoel en mijn behoefte om van betekenis te zijn. Ik heb zelf ervaren dat inzicht niet automatisch ontstaat doordat je intelligent bent, veel hebt meegemaakt of jarenlang anderen hebt geadviseerd. Sommige patronen kun je uitstekend bij anderen herkennen en jarenlang bij jezelf missen. Dat is menselijk. Een coach staat voor mij daarom niet boven een ondernemer. Hij loopt tijdelijk naast hem. Hij neemt de verantwoordelijkheid niet over en bepaalt niet welke afslag iemand moet nemen. Hij helpt onderzoeken waarom iemand steeds dezelfde afslag kiest. Mijn ervaring helpt mij de wereld van de ondernemer te begrijpen. Mijn opleidingen en methodieken helpen mij om niet te snel mijn eigen oplossingen op te leggen. Dat samenspel is belangrijk. Een coach die alleen vragen stelt zonder de context te begrijpen, kan aan de oppervlakte blijven. Een adviseur die uitsluitend oplossingen geeft, kan de ondernemer juist afhankelijk maken. Goede ondernemerscoaching zoekt de ruimte daartussen: voldoende ervaring om te begrijpen wat er speelt en voldoende coachvaardigheid om het antwoord bij de ondernemer te laten.

Maar laat ik ook eerlijk zijn. Niet iedere ondernemer heeft op ieder moment coaching nodig. Niet iedere coach past bij iedere ondernemer. En coaching heeft weinig zin wanneer iemand alleen bevestiging zoekt. Een goede coach vertelt je niet voortdurend dat je gelijk hebt. Professionele coaching vraagt bereidheid. De bereidheid om niet alleen over anderen te praten maar om juist het eigen aandeel te onderzoeken. Om te accepteren dat de werkelijkheid anders kan zijn dan het verhaal dat je jezelf al jaren vertelt.

Daarom is de belangrijkste vraag niet: ‘Heb ik een coach nodig?’ De belangrijkere vraag is: Ben ik nog bereid om werkelijk naar mezelf te kijken? Wanneer heeft iemand jou voor het laatst stevig tegengesproken? Wanneer heb jij je mening voor het laatst aangepast omdat iemand anders iets zag wat jij had gemist? Welke medewerkers durven jou zonder negatieve gevolgen te vertellen wat jouw gedrag met hen doet? Welke beslissing stel je uit terwijl je diep vanbinnen al weet wat er moet gebeuren? Welk probleem in jouw organisatie blijft terugkomen omdat je vooral naar de symptomen kijkt en je eigen rol buiten beschouwing laat? En misschien wel de moeilijkste vraag: Ben je werkelijk zo zelfstandig als je denkt of ben je vooral heel goed geworden in niemand meer nodig hebben? Dat zijn twee verschillende dingen. Zelfstandigheid geeft vrijheid. Niemand nodig willen hebben kan ook een manier zijn om jezelf te beschermen tegen kritiek, teleurstelling of kwetsbaarheid.

Terug naar mijn voorbeelden van impactvolle personen. Eric Schmidt wachtte niet totdat Google instortte. Steve Jobs liet zich niet alleen omringen door mensen die hem bewonderden. Bill Gates ziet feedback als een voorwaarde om te kunnen verbeteren. Satya Nadella stelde oude overtuigingen over leiderschap en organisatiecultuur ter discussie. Oprah Winfrey bleef aandacht geven aan persoonlijke ontwikkeling ondanks haar enorme succes. André Agassi wisselde niet van coach omdat hij vergeten was hoe hij moest tennissen. Michael Phelps werd niet alleen begeleid wanneer hij verloor. Zij namen ontwikkeling serieus voordat de omstandigheden hen daartoe dwongen. Dat is ook hoe ik naar coaching van ondernemers kijk. Niet als bewijs dat je tekortschiet, maar als investering in de volgende fase van je ontwikkeling. Niet alleen als reparatie wanneer iets vastloopt, maar als een manier om eerder te herkennen wat aandacht nodig heeft.

Je kunt wachten tot je gezondheid protesteert. Tot je gezin aangeeft dat je er lichamelijk wel bent maar met je hoofd altijd in de onderneming zit. Tot een belangrijke medewerker vertrekt. Tot de samenwerking binnen het managementteam vastloopt. Tot de cijfers je dwingen een beslissing te nemen die je eerder zelf had kunnen nemen. Of je kunt eerder naar jezelf durven kijken. De vraag is daarom nogmaals niet of jij een coach nodig hebt. De vraag is wie jou nog de waarheid vertelt voordat de werkelijkheid dat voor je doet.